Hoefgetrappel
- tessdumitru
- 5 dagen geleden
- 2 minuten om te lezen
Voor ons huis is een drukke weg. Het is de weg van Târgoviste naar Boekarest en elke dag rijden daar honderden auto’s, vrachtwagens en minibussen overheen. Al het vervoer gaat dwars door de steden en dorpjes, want snelwegen zijn er bijna niet, laat staan ringwegen. Als ik het raam open heb staan hoor ik sirenes, getoeter, het geswoesh-kdaban van voorbijrijdende, zware auto’s die iets te hard over een drempel gaan en… hoefgetrappel.
Aan de overkant van de drukke weg voor ons huis is een heel dorp dat zich in een andere tijd lijkt te begeven. Op de borden die ernaartoe wijzen staat geen plaatsnaam, maar de woorden fier vechi oud ijzer. De muziek die eruit dwaalt, soms tot honderden meters verderop te horen, klinkt altijd vrolijk en vol levenslust. Maar als ik kijk naar de gezichten van de mensen die er in- en uitlopen zie ik wat anders. Al bij de kleinste kleintjes is een soort afstand te bespeuren, die bij de ouderen uitgegroeid lijkt te zijn tot achterdocht en wantrouwen. Wellicht omdat iedereen wat van ze vindt, en niemand écht weet hoe het is om daar te wonen.
Het zijn zij die tussen alle auto’s, loeiende sirenes en zware vracht hun paarden besturen vanaf een houten kar. Hele families reizen erin mee. Vaak met allerlei spullen die op elkaar gepropt nog het meest lijken op een onsamenhangende bult. Wat ze ermee doen? Ik zou het niet weten. Waar ze het heen brengen? Geen idee. Waar vandaan? Al sla je me dood.
Ik sta op de stoep als er een prachtig versierd paard met daarachter een groene kar de hoek om komt. De man op de bok, die naast zich een klein meisje heeft zitten, kijkt me met zijn groene ogen indringend aan.
Bij gebrek aan antwoorden, gaat mijn fantasie aan. Voor me zie ik een matras gevuld met stro op een kale vloer, drie kinderen erop die warm tegen elkaar aanliggen. Af en toe plukkend aan een prikkend puntje dat door de stof heen steekt. Een familie die de hele winter zij aan zij voor het fornuis zit, dat ook als kachel dient, om hun handen te verwarmen terwijl het eten pruttelt. Ik stel me voor hoe ze 's avonds laat naar buiten gaan om buiten boven een gat hun behoefte te doen.
Maar zodra de man op de bok wegkijkt en voorbijrijdt, spat mijn fantasiebubbel uiteen. Het enige wat ik weet, is dat ik niks weet. Net als de meeste anderen die een heel ander beeld, maar evengoed gebaseerd op fantasie, van deze mensen heeft. Het geluid van de hoeven op het asfalt sterft weg in de chaos van alle verkeersgeluiden en de werkelijkheid gaat weer aan. We vervolgen ieder onze dag. Ieder in z’n eigen tijd.
Toen we laatst in Diemen waren, ontdekte ik dat alles daar zo anders klinkt. Auto’s maken steeds minder lawaai. Mensen op de fiets juist een heleboel. Stemmen lijken op een andere frequentie door de lucht te zweven. En een ding ontbrak helemaal. Het hoefgetrappel.

Over hoefgetrappel: vroeger dacht ik dat dat Roemenië was, paard en wagens. Nu weet ik dat het zoveel meer is en dat dat oude er ook nog is. Maar bovenal weet ik nu hoe mooi het land is. ❤️